Inleiding kubistische beeldhouwers.

Het paard, Raymond Duchamp-Villon, 1910

De eerste die er in slaagde de kubistische vormtaal over te brengen op de beeldhouwkunst was Raymond Duchamp-Villon in 1910. Hij werkte de consequenties van een kubistische sculptuur uit in het nevenstaande werk 'Het paard'. Een andere beeldhouwer was de Oekraïner Alexander Archipenko, die in 1908 van Moskou naar Parijs kwam. In 1910 maakte hij kennis met de kubisten. Hij was de meest vindingrijke van de pioniers der moderne beeldhouwkunst. In 1911 nam Alexander Archipenko deel aan de Salon d'Automne.

Archipenko had al in 1912 volgens dezelfde principe als de collage verschillende materialen, n.l. hout, metaal en glas, in eenzelfde constructie verwerkt. In 1911 voegde Henri Laurens zich bij de kubistische beweging. Een andere belangrijke beeldhouwer was de Litouwer Jacques Lipchitz. Beiden droegen op beslissende wijze bij aan de ontwikkeling van de kubistische beeldhouwkunst. Eerst door de geometrische analyse van de vorm over te brengen in een vaste driedimensionale constructie. Karakteristiek was bv. van Henri Laurens: Vrouw met waaier uit 1914 en van Lipchitz: Man met gitaar uit 1915?. Het waren vertalingen van de schilderstijl van Pablo Picasso en Georges Braque in driedimensionale constructies.

Zowel Laurens als Lipchitz behield de kubistische vormentaal veel langer dan de schilders, die hen hadden geïnspireerd.

Ook de Roemeen Constantin Brancusi exposeerde met de kubisten, n.l. op de Salon des Indépendants in 1912 met La muse endormie en in 1913. Maar hij was zowel een individualist als pragmatist, d.w.z. iemand die nooit door theorieën bewogen werd, maar die zichzelf en zijn stijl al doende ontdekte. Er zijn werken die oppervlakkig gezien misschien kubistisch genoemd kunnen worden bv.: De verloren zoon uit 1914.

Ook de Spaanse beeldhouwer Julio Gonzalez (1876-1942), die in nauwe relatie met Picasso stond, hield zich vanaf 1908 tot zijn dood in 1942 bezig met de ontwikkeling van een nieuwe vorm van beeldhouwkunst in plaatijzer. In 1900 kwam hij naar Parijs. Ook de Duitse kubist Oskar Schlemmer en de Oostenrijker Fritz Wotruba hebben kubistische beeldhouwwerken gemaakt. Ossip Zadkine maakte in de jaren twintig zijn van het analytische kubisme afgeleide dynamische, geometrische beeldhouwwerken.

Fernande, Picassol'Italienne, Roger de la FresnayesHarlekijn, Gris

Ook de schilders hebben ook geëxperimenteerd in de beeldhouwkunst. Juan Gris maakte het nevenstaande (links) gipsplastiek genaamd: Harlekijn (1917) en Roger de la Fresnayes het daarnaast staande bronsplastiek: l'Italienne (1912). Verder hebben Picasso, Amedeo Modigliani en Braque ruimtelijke werken gemaakt. Picasso maakte in 1909 het nevenstaande (rechts) kubistische beeld van zijn geliefde Fernande.

Apollinaire noemde in zijn op 17 maart 1913 verschenen boek Méditations esthétiques. Les Peintres Cubistes ook de beeldhouwer Auguste Agéro een vertegenwoordiger van het kubisme. Helaas ontbreekt elk gegeven van deze beeldhouwer.

Laatste wijziging: 020311