Het kubisme is een zeer heterogene kunststroming, want iedere kubist tracht op zijn bepaalde manier de werkelijkheid weer te geven. Toch kunnen we, ondanks de grote verscheidenheid, het kubisme volgens diverse schrijvers in perioden verdelen. De ontwikkelingsgang is natuurlijk niet bij alle kubisten volledig. Sommigen zijn bij een bepaalde periode blijven staan, anderen schakelden na een bepaald stadium over naar een andere schilderkunststroming.
Als algemene ontwikkelingsgang kunnen we in het kubisme de volgende perioden onderscheiden:
| 19 | 05 ------------ 19 | 10 ------------ 19 | 12 ------------ 19 | 14 ------------ 19 | 20 ------------ |
![]() | ![]() | ![]() | ![]() | ![]() |
De indeling in een analytische en een synthetische periode werd voor het eerst gebruikt door de Duitse kunsthistoricus Carl Einstein (1885-1940) in zijn artikel Notes sur le cubisme in het tijdschrift Documents, jaargang 1, nummer 3 in 1928. Einstein correspondeerde vanaf 1921 met de kunsthandelaar Daniel-Henry Kahnweiler en vestigde zich in mei 1928 in Parijs. In zijn monografie van Georges Braque, uitgegeven in 1934, gebruikte Einstein uitdrukkelijk de termen analytisch en synthetisch: ..les 'collages' signifiaient la fin de la phase analytique. Braque fut poussé vers ce procédé par le besoin de créer une forme synthétique...
Algemene bekendheid kregen de begrippen door Alfred J. Barr in zijn beschrijvingen van het kubisme in de catalogus van de tentoonstelling Cubism and Abstract Art, die gehouden werd in het Museum of Modern Art in 1936 te New York. Hij volgde daarmee ook Juan Gris, die deze indeling had gesuggereerd aan de kunsthandelaar Daniel-Henry Kahnweiler en later aan de schrijver Maurice Raynal.
Diverse schrijvers, o.a. Douglas Cooper, geven de voorkeur aan een benaming die ook bij andere kunstontwikkelingen wordt gebruikt.
Met deze indeling volgde Douglas Cooper ook Albert Gleizes, die in zijn boek Kubismus, dat verscheen als nummer dertig in de reeks Bauhausbücher in 1928, een indeling gaf. Het verscheen in 1929 in het Frans onder de titel L'Epopée (=het heldendicht) in het tijdschrift Le Rouge et le Noir. Gleizes verdeelde het kubisme in:
Deze indeling volgde voor een deel de indeling die Kahnweiler in zijn boek Der Weg zum Kubismus, dat hij tijdens de Eerste Wereldoorlog schreef. In het eerste stadium was de vorm en in het tweede stadium, dat Kahnweiler in 1908 laat beginnen, was de doorbreking van de gesloten vorm het belangrijkste punt.