Schilderijen naar foto's e.d.

In een aantal boeken vinden we dat kubisten ook foto's, krantenartikelen en ansichtkaarten gebruikten als uitgangspunt voor een werk. Daarnaast hebben de kubisten ook veel portretten van personen gemaakt. Hieronder staan een aantal voorbeelden.

Georges Braque.

foto Huizen te L'Estaque, aug. 1908

Dankzij Gertrude Stein is bijgaande foto, die denkelijk in september 1910 door Daniel-Henry Kahnweiler genomen is, bewaard gebleven. Kahnweiler zocht Braque op in L'Estaque, maar trof hem niet daar Braque enkele dagen weg was naar Marseille. Braque schilderde in de zomer van 1908 dus duidelijk naar de natuur in L'Estaque. Het schilderij werd in 1908 gekocht door Kahnweilers vriend Hermann Rupf, die het werk later aan het Kunstmuseum Bern schonk.


Robert Delaunay.

ansichtkaartLuchtschip en toren, 1909

In nevenstaand schilderij is duidelijk zichtbaar, dat de vorm direct is overgenomen van de ansichtkaart. Delaunay richtte zich niet zoals de meeste kubisten op portretten en stillevens van o.a. muziekinstrumenten maar op de tekenen van de moderne tijd. Dit kwam ook sterk naar voren in zijn schilderijen van de Eiffeltoren, waarvan hij ongeveer dertig verschillende versies van maakte.

Henri Rousseau, Zelfportret met landschap, 1890De stad Parijs, 1910-1912

In het schilderij De stad Parijs van 1910-1912 heeft Delaunay zijn bewondering voor Henri Rousseau le Douanier getoond. Zijn moeder had het schilderij Slangenbezweerster van Rousseau in haar bezit en Delaunay schilderde in 1914 nog een portret van hem. In het schilderij Zelfportret met landschap uit 1890 van de naïve schilder staat een schip afgebeeld. Op het schilderij van Delaunay zie je dezelfde vorm als schip terug.
Henri Rousseau was zeer bekend binnen de kring kubisten. Ter ere van Rousseau werd op 21 november 1908 een diner gegeven onder leiding van Pablo Picasso in het ateliergebouw Bateau-Lavoir. Aanwezig waren o.a. Picasso's vriendin Fernande Olivier, Leo en Gertrude Stein, Alice B. Toklas, Wilhelm Uhde met zijn vrouw Sonia Terk, Georges Braque en zijn vrouw Marcelle, Guillaume Apollinaire met zijn vriendin Marie Laurencin, Henriet Levy, Maurice Raynal, André Salmon en Maurice Cremnitz.

foto in L'Illustration 5-6-1909Eiffeltoren, afm.: 130 x 97 cm, 1910-1911 La Tour Eiffel, afm.: 17,7 x 17,7 cm, 1910-1911

In 1910-1911 schilderde Delaunay verschillende versies van de Eiffeltoren. De versie die nu hangt in het Folkwang Museum te Essen (Duitsland) heeft linksonder op het eerste gezicht vreemde strepen, maar zien we de foto die genomen is uit een luchtschip dan zijn de strepen direct verklaard. Het zijn de voetpaden. De foto stond op 5 juni 1909 in L'Illustration en is denkelijk door Delaunay gebruikt. Delaunay maakte ook de nevenstaande litho, getiteld La Tour Eiffel, die nog duidelijker de overeenkomst laat zien. De litho is gebruik voor het boek Allo! Paris! van Joseph Delteil, dat in 1926 in Parijs werd uitgegeven.

panoramfoto vanaf Arc de Triomphe deel panoramfoto vanaf Arc de Triomphe

la ville, 1910 la ville, 1910

In 1909-1910 schilderde Delaunay het nevenstaande schilderij Étude pour la Ville (nu in Tate Modern te Londen) als voorstudie op het nevenstaande schilderij La Ville no. 1 uit 1910. Beide schilderijen gaven de wijk tussen de Arc de Triomphe en de Eiffeltoren weer. Dit is goed te zien aan de hand van de bijgaande panoramafoto genomen vanaf de Arc de Triomphe. Het middelste vergrote deel laat de overeenkomsten goed zien. Het gebouw op de voorgrond is op de foto slechts als rand aan de onderkant te zien. Het schilderij Étude pour la Ville is nu in Tate Modern te Londen. Het schilderij La Ville no. 1, dat te zien was op de eerste tentoonstelling van Der Blaue Reiter in 1912 in München. De verblijfplaats van dit schilderij is onbekend. Delaunay schilderde later minder realistische versies.

ansichtkaart Eerbetoon aan Blériot, 1914

In 1909 werd de oversteek van Het Kanaal door de Fransman Louis Blériot met een vliegtuig in Frankrijk gezien als een heldendaad voor Frankrijk. Dit thema komt terug bij Delaunay in zijn schilderij Hommage à Blériot uit 1914. De afmetingen zijn 250 bij 250 cm.

krantenfoto, 1913 L'Équipe de Cardiff, 1912-1913

De opkomst van de sportverenigingen in het begin van de twintigste eeuw was een andere vorm van modern zijn. De krantenfoto van een rugby wedstrijd gebruikte Delaunay om daarom heen de andere moderne zaken te laten zien, n.l. de Eiffeltoren, het reuzenrad en een tweedekker. Van de voorstelling zijn verschillende versies. Hier is te zien L'Équipe de Cardiff, derde versie uit 1912-1913. Ook dit schilderij heeft grote afmetingen: 326 bij 208 cm. Volgens de catalogus van de tentoonstelling Robert Delaunay 1906-1914 De l'impressionnisme à l'abstraction in het Centre Georges Pompidou in mei 1999 te Parijs stond de foto op 18 januari 1913 in Vie au Grand air. De titel had denkelijk te maken met een artikel van F. Estrade in L'Écho des Sports getiteld La partie de Cardiff op 8 januari 1913.

krant, 22-3-1914 Politiek drama, 1914 Caillaux

Op 16 maart 1914 schoot Henriette Caillaux-Raynouard (1874-1943), de tweede vrouw van de politicus Joseph Caillaux (1863-1944), die op dat moment minister van financiën was en eerder minister-president, de 56-jarige hoofdredacteur van Le Figaro, Gaston Calmette, dood wegens krantenartikelen over haar en haar man. Gaston Calmette was op 5 januari gestart met een serie met politieke en persoonlijke meningen over Joseph Caillaux, die bekend stond om zijn pro-duitse politiek. Calmette publiceerde ook brieven die Henriette en Joseph elkaar stuurden, terwijl ze elk nog met iemand anders getrouwd waren. Na de daad van zijn vrouw trad Caillaux af als minister. De moord beschreven in de krant Le Petit Journal verwerkte Delaunay in een schilderij. Na een opzienbarend proces in juli 1914 werd Henriette Caillaux op 28 juli door een juryrechtbank vrijgesproken.

Lyonel Feininger.

foto Marienkirche in Halle, 1929

In 1929 kreeg Lyonel Feininger door bemiddeling van Alois Schardt, de museumdirecteur van het Museums für Kunst und Gewerbe in Halle an der Saale de opdracht van de gemeente Halleom een schilderij met een stadsmotief te maken. Het zou een geschenk zijn voor het bestuur van de provincie Sachsen in Maagdenburg. Vanaf mei 1929 had Feininger twee jaar lang een eigen atelier in de toren van het museum in Halle tot zijn beschikking. De opdrachtgever dacht aan één schilderij van 200 bij 160 cm, maar Feininger besloot tot het maken van een aantal stadsgezichten. Voor het maken van de schilderijen fotografeerde Feiningen enkele bekende gebouwen in Halle. In totaal schilderde Feininger 11 schilderijen, die Schardt kocht voor het Moritzburg Museum in Halle. In 1933 werden zij opgenomen in de Nationalgalerie in Berlijn. In 1937 werden deze stadsgezichten en alle andere werken van Feininger door de Nationaalsocialisten tot de Entartete Kunst gerekend. Twee schilderijen van Halle waren na de Tweede Wereldoorlog verdwenen. Het is onbekend of ze vernietigd zijn of zich nog ergens bevinden. Denkelijk was het bovenstaande schilderij de eerste van de serie stadsgezichten.

foto De Dom in Halle, 1931

In een brief aan zijn vrouw Julia van 8 mei 1929 schreef Feininger dat hij nog een hele serie foto's moest maken voordat de bomen het zicht ontnamen. Het nevenstaande schilderij maakte Feininger in januari 1931.

L'impatiente, 1907 Dame in mauve, 1922

Behalve het schilderen naar foto's gebruikte Feininger ook veel schetsen of eerder gemaakte tekeningen of schilderijen. Hiernaast staat als voorbeeld het schilderij Dame in mauve uit 1922 dat bijna een kopie is van de karikatuur die in 1907 in Le Témoin nr. 20 verscheen onder de naam L'impatiente, de ongeduldige.

Bilanz, 1908, 1907 Het wielrennen, 1912

Een ander voorbeeld is het nevenstaande schilderij Het wielrennen uit 1912, dat zeer veel lijkt op de karikatuur 'Bilanz' die stond in Das Schnauferl - Blätter für Sporthumor, 1908 nr. 15. Das Schnauferl was een Berlijns tijdschrift dat tussen 1907 en 1910 verscheen.

Juan Gris.

Camille Corot Vrouw met een Mandoline (na Corot), 1916

In 1916 schilderde Juan Gris een kubistische versie van een schilderij van Camille Corot. Het oorspronkelijke schilderij Droomster met een mandoline was door Corot tussen 1860 en 1865 geschilderd. De naam van Gris zijn versie was Vrouw met een mandoline (na Corot).

ansichtkaart Huizen te Beaulieu, 1918

In de zomer van 1918 verbleven Juan Gris en zijn vrouw Josette in Beaulieu, een plaatsje in het departement Indre-et-Loire. Ook de twee voorgaande jaren was de familie Gris daar geweest. De ansichtkaart was eigendom van Gris.

Albert Gleizes en Jean Metzinger.

Krant: Fantasio Portret van Jacques  Nayral, 1911 Theetijd, 1911

Op 15 oktober 1911 verscheen naar aanleiding van de tentoonstelling in de Salon d'Automne (1 oktober - 8 november) in het populaire geïllustreerde veertiendaagse blad Fantasio nevenstaand artikel van Roland Dorgelès. Naast het bovenste kubistisch schilderij Portret van Jacques Nayral is een foto van Jacques Nayral afgedrukt. Jacques Nayral, een pseudoniem voor de dichter en schrijver Joseph Houot, die in 1912 zou trouwen met Mireille Gleizes, de zus van Albert Gleizes. Als hoofdredacteur bij de uitgeverij van Eugène Figuière was hij verantwoordelijk voor de uitgaven Du Cubisme van Gleizes en Metzinger in 1912 en Les peintres cubistes: Méditations esthétiques van Guillaume Apollinaire in 1913. In december 1914 sneuvelde Nayral bij een gevecht met de Duitse troepen in de buurt van Arras. Op 5 december 1979 werd het schilderij door het Tate museum gekocht bij het veilinghuis Sotheby's te Londen, waar het door de erfgenamen was aangeboden.

Bij het onderste schilderij Theetijd van Jean Metzinger is het onduidelijk of de ernaast zittende vrouw wel of niet als model heeft gezeten.

Fernand Léger.

advertentie De Syfon, 1924, afm.: 65 x 46 cm

Op 12 september 1924 stond in de krant Le Martin de nevenstaande advertentie voor de drank Campari. In hetzelfde jaar schilderde Léger het schilderij De Syfon dat nu hangt in de Albright-Knox Art Gallery te Buffalo. Gezien de grote overeenkomst is het bijna zeker dat Léger de advertentie als uitgangspunt voor zijn schilderij gebruikte.

Pablo Picasso.

foto Huizen te Horta de Ebro, 1909

In de zomer van 1909 schilderde Picasso in de Spaanse plaats Horta de Ebro. Hij maakte daar diverse schilderijen, die duidelijk naar de natuur waren geschilderd. Hierbij staan twee voorbeelden.

foto Huizen te Horta de Ebro, 1909

Iets minder duidelijk is de overeenkomst bij het nevenstaande schilderij Huizen op de heuvel te Horta de Ebro.

Picasso schilderde in 1909 en 1910 de portretten van vier kunsthandelaren. Het was gebruikelijk dat Picasso foto's nam.

foto Clovis Sagot, 1909

In 1909 schilderde Picasso een portret van Clovis Sagot. Behalve nevenstaande foto is er ook nog een foto die de zijkant van Sagot laat zien.

foto Wilhelm Uhde, 1910

In 1910 schilderde Picasso een kubistisch portret van Wilhelm Uhde. Dat deed Picasso ook van twee andere kunsthandelaren, n.l. van Ambroise Vollard en Daniel-Henri Kahnweiler.


Laatste wijziging: 090614