Kaart   Website

Kröller-Müller Museum

Het Kröller-Müller Museum is als particulier museum gestart in Den Haag. Daar was mevrouw Kröller vanaf 1907 begonnen met het aankopen van kunstwerken. Onder invloed van de heer H.P. Bremmer, die in Den Haag cursussen kunstbeschouwing gaf, kocht zij kunstwerken uit de zeventiende, de tweede helft van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw. Van Vincent van Gogh kocht zij tussen april 1912 en juni 1913 vele werken.

Lange Voorhout

Vanaf 1 september 1913 werd de benedenruimten van Lange Voorhout 1 te Den Haag na schriftelijk verzoek opengesteld voor het bezoeken van de aangekochte werken. In 1915 kocht mevrouw Kröller via de kunstcriticus H.P. Bremmer het werk Compositie 10 in zwart-wit van Piet Mondriaan. Het was het enige schilderij dat Mondriaan in 1915 had gemaakt.

Groot Haesebroek

Op 14 maart 1928 werd de Kröller-Müller Stichting opgericht die o.a. tot doel had het museum in stand te houden en te streven naar een museum op het landgoed 'De Hooge Veluwe'. Een dag later werd practisch de gehele kunstverzameling van mevrouw Kröller aan de stichting geschonken. Eind 1933 werd de collectie overgebracht naar het landgoed Groot Haesebroek, waar vanaf 17 april 1931 de familie Kröller woonde.

Op 26 april 1935 legde de stichting schriftelijk vast, dat als aan bepaalde voorwaarden was voldaan de kunstverzameling zou worden geschonken aan de Staat der Nederlanden. Bovendien werd de Stichting Het Nationale Park de Hoge Veluwe opgericht. Op 15 april 1937 werden de kunstwerken overgedragen en werd mevrouw Kröller de directrice van het Rijksmuseum Kröller-Müller dat gevestigd was in Huize Groot Haesebroek te Wassenaar. De verzameling omvatte ruim 800 schilderijen, ongeveer 275 beelden, 5000 tekeningen en bladen grafiek en ongeveer 500 stuks kunstnijverheid.

Overgangsmuseum Overgangsmuseum Portretgroep H.P.Bremmer, 1938

Op 13 juli 1938 werd het Rijksmuseum Kröller-Müller officieel geopend in het door Henry van de Velde ontworpen Overgansmuseum op het landgoed 'De Hoge Veluwe'. In hetzelfde jaar werd het schilderij Portretgroep H.P. Bremmer en zijn vrouw met kunstenaars uit hun tijd geschilderd door Charley Toorop ondergebracht in de collectie van het Kröller-Müllermuseum. Vrienden van Hendrik Bremmer eerden op deze wijze zijn betekenis voor de Nederlandse kunstenaars. Op de voorgrond waren Bremmer en zijn vrouw afgebeeld, in de linker bovenhoek Charley Toorop.Van 22 juli 1940 tot 5 oktober 1945 was het museum gesloten wegens de Tweede Wereldoorlog en lagen de kunstwerken in een nabijgelegen schuilkelder. Op 3 juli 1960 werd de beeldentuin geopend, die in de daarop volgende jaren nog verder werd uitgebreid. In verband met een grote renovatie en uitbreiding was het museum in 1971 tijdelijk gesloten. Op 10 februari 1972 werd het museum heropend. In dat jaar werd o.a. de tentoonstelling Van van Gogh tot Picasso Schilderijen en tekeningen uit de negentiende en twintigste eeuw uit het Poesjkin Museum te Moskou en de Hermitage te Leningrad gehouden.

In 1976 kreeg het Kröller-Müller museum via een schenking van de Jacques and Yulla Lipchitz Foundation 36 grote en kleine gipsen beelden van Jacques Lipchitz en 6 tekeningen uit de periode 1913-1919. Op 11 juni 1977 werd de uitbreiding van het museum officieel in gebruik genomen.

2005

In verband met de renovatie van het oudste gedeelte, de z.g. van de Veldenvleugel, was de permanente verzameling niet op de gebruikelijke manier te zien. Een groot gedeelte van de permanente collectie was nu ondergebracht in twee tijdelijke exposities. Zie de webpagina Het Kröller-Müller Museum in 2005.

Zie voor het kubistisch bezit de webpagina:
Kubistische werken in het Kröller-Müller Museum.