De belangstelling voor de werken van Tamara de Lempicka werd in 1966 opnieuw gewekt door de tentoonstelling Les Années '25 in het Musée des Arts Décoratifs. Alain Blondel, die architectuur had gestudeerd aan de École des Beaux-Arts, had in 1966 in Venetië de Lion d'Or-prijs gewonnen met een publicatie over Hector Guimard, de architect van de Art Deco ingangen van de Parijse metro. Met het geld had hij samen met zijn zakenlijke partners, zijn latere vrouw Michèle Rocaglia, zijn zus Françoise Blondel en haar latere man Yves Plantin, de kleine Galerie du Luxembourg in Art Nouveau en Art Deco artikelen geopend. Zoekend naar informatie kwam Blondel in 1969 het boek La Renaissance de l'Art Français et des Industries de Luxe uit 1929 tegen, waarin Arsène Alexander een artikel had geschreven over Tamara de Lempicka. Samen met zijn partners keek Blondel in het telefoonboek in 1969 en tot hun verbazing stond de Lempicka erin. Zij belden en na enig aandringen mochten zij langskomen in de Rue Méchain 7 te Parijs. Ze hadden veel geluk want Tamara was elk jaar ongeveer twee maanden in Hotel Ritz te Parijs en was uitsluitend als zij wilde schilderen in haar atelierwoning. Tijdens een aangenaam en urenlang bezoek kregen zij Tamara's werken te zien. Zij zagen o.a. Adam en Eva, La Belle Rafaela en Duchess de la Salle.
Na lang aandringen mochten Blondel en zijn partners haar oude werken uitzoeken en een retrospectief van Tamara de Lempicka houden in hun Galerie du Luxembourg. De Lempicka dacht dat de verkoop van haar nieuwe werken, de z.g. schildermes werken, te lijden zouden hebben van haar oude werken. Blondel kocht een aantal schilderen uit de Art Deco periode, die hij probeerde te verkopen. Het volgend jaar kocht Blondel opnieuw schilderijen toen Tamara in Parijs was. Uiteindelijk werd in juni-juli 1972 de retrospectieve tentoonstelling Tamara de Lempicka de 1925 à 1935 in Galerie du Luxembourg te Parijs gehouden van 48 werken. Tamara woonde de opening bij. Zie voor de tentoongestelde werken de webpagina Catalogus Tamara de Lempicka de 1925 à 1935. Dankzij de hernieuwde belangstelling voor de Art Nouveau en Art Deco werd de tentoonstelling een groot succes.

In het boek Tamara de Lempicka: Art Deco icon geschreven door Alain Blondel uit 2004 staat bovenstaande foto in spiegelbeeld op bladzijde 136 afgedrukt. Bij de controle is dat de schrijver, die tevens één van de expositie-organisatoren is geweest, denkelijk niet opgevallen. Het boek was de catalogus van de gelijknamige expositie in de Royal Academy of Arts te Londen, die van 18 mei t/m 13 augustus 2004 werd gehouden. Dezelfde expositie was van 15 september 2004 t/m 2 januari 2005 ook in het Kunstforum te Wenen.
Van de schilderijen zijn een aantal te herkennen, allereerst op de linker wand van links naar rechts.
| catnr | kunstwerk | titel | jaar | nu te zien in |
| 14 | ![]() | Portret van de Markies d'Afflito bij de trap | ||
| 2 |
| Vrouw in zwarte jurk | 1923 | Barry Friedman Ltd., New York en Galerie Brockstedt, Hamburg. |
| 12 |
| Portret van markies D'Afflito | 1925 | |
| 16 |
| Portret van Zijne Keizerlijke Hoogheid de Groot Hertog Gabriel | 1926 | Collectie J. Nicholson, Beverley Hills, California. |
| ? | niet herkenbaar portret | |||
| ? | niet herkenbaar portret | |||
| 29 |
| Portret van Nana de Herrera | 1928/1929 | |
| 17 |
| De mooie Rafaëla | 1927 | Privébezit. |
| 48 | ![]() | Portret van Mevr. M. | 1932 |
Het hierbovenstaande Portret van Mevr. M. werd op 6 mei 2009 geveild bij Christie's te New York. De koper moest $ 6.130.500 betalen en scoorde daarmee een nieuw record ondanks dat de verwachte minimumwaarde net niet gehaald was. Tamara maakte het portret van Marie-Thérèse Morand in opdracht van haar man, de advocaat André Morillot, die zijn vrouw het schilderij als cadeau voor hun in 1929 gesloten huwelijk aanbood. Op dezelfde veiling werd ook het schilderij La chemise rose I uit 1927 aangeboden. De geveilde prijs incl. de kosten bedroeg $ 3.218.500 en kwam daarmee ver boven de verwachte maximumwaarde van $ 1.800.000.
Op de achterwand zijn duidelijk herkenbaar:
| catnr | kunstwerk | titel | jaar | nu te zien in |
| 37 |
| Andromeda | 1929 | |
| 34 |
| La Musicienne [Dame in blauw met gitaar] | 1929 |
Het hierbovenstaande schilderij La Musicienne was op woensdag 4 februari 2009 op tv te zien in het programma Profiel, waarin een portret van Dirk Scheringa werd geschetst. Hij kocht het werk op 8 mei 2002 bij Sotheby's voor $ 2.649.500. Het was een nieuw record voor de schilderes en ruim boven de verwachte opbrengst van $ 1 miljoen tot $ 1,5 miljoen. Op vrijdag 1 mei 2009 werd bij een overval op het Frisia Museum te Spanbroek het schilderij La Musicienne en een schilderij van Dali gestolen.
Van de rechterkant zijn alleen de voorste twee schilderijen en enkele grote schilderijen achterin herkenbaar. Van voor naar achteren:
| catnr | kunstwerk | titel | jaar | nu te zien in |
| 43 |
| Portret van Pierre de Montaut | 1931 | Barry Friedman Ltd., New York . |
| 41 |
| Adam en Eva | 1931 | |
| ? | niet herkenbaar | |||
| 21 |
| Portret van Arlette Boucard | 1928 | |
| ? | niet herkenbaar | |||
| ? | niet herkenbaar | |||
| 46 | ![]() | Portret van Ira P. | 1930 | |
| ? | niet herkenbaar | |||
| 35 |
| Portret van Dr. Pierre Boucard | 1928 | |
| ? | niet herkenbaar |
Het bovenstaande schilderij Adam en Eva werd door Alain Blondel verkocht aan het Petit Palais Museum. Een aantal jaren later verkocht het museum het werk. Op 19 maart 1994 werd het werk bij Christie's geveild voor $ 1,8 miljoen, exclusief 10% commissie.
Het bovenstaande schilderij Portret van Ira P. werd op 19 november 1998 bij Christie's te New York verkocht voor $ 1,19 miljoen aan de New Yorkse kunsthandelaarste Nancy Whyte. Het hangt nu volgens nevenstaande foto in de eetkamer van Madonna.
| Met een tik op nevenstaande knop keert u terug naar: Tamara de Lempicka. |