Het purisme deed een poging om het kubisme te zuiveren van romantische en subjectieve elementen, van zijn dubbelzinnigheden en zijn illusionisme. Vooral dagelijkse voorwerpen werden helder en harmonieus weergegeven. Daarnaast hielden de puristen zich bezig met interieurs, architectuur, industrieel ontwerpen en stadsplanning.
Vertegenwoordigers zijn Charles-Edouard Jeanneret (Le Corbusier) en Amédée Ozenfant. Zij probeerden na 1914 het picturale en decoratieve aspect van het kubisme te verwijderen en daarvoor in de plaats een stilistische wiskundige, pure en logische opbouw aan te brengen op een schilderij. Vooral machinaal gemaakte gebruiksvoorwerpen hadden hun voorkeur. Zij deelden met Fernand Léger het enthousiasme voor door machines gemaakte vormen, maar gingen verder in het reduceren tot geometrische vormen.
Als startpunt van de kunststroming purisme wordt vaak het in december 1918 van het verschenen boek Après le Cubisme (=Na het kubisme) van Ozenfant en Jeanneret genomen. De kunststroming werd ondersteund door het door Ozenfant en Jeanneret opgerichte tijdschrift L'Esprit Nouveau dat vanaf oktober 1920 tot januari 1925 met in totaal 28 nummers verscheen. In het nummer van januari 1921 verscheen het artikel Le Purisme. Door meningsverschillen tussen Ozenfant en Le Corbusier kwam er op 25 juli 1925 een breuk tussen de twee belangrijkste vertegenwoordigers van het purisme.
De eerste tentoonstelling Exposition Ozenfant & Jeanneret werd volgens de openingsuitnodiging gehouden van 22 december 1918 t/m 11 januari 1919. De catalogus gaf als periode 15 december 1918 t/m 28 januari 1919. De expositie was in Galerie Thomas, waarvan de eigenares, Germaine Bongard, een zus van de couturier Paul Poiret was.
De tweede tentoonstelling werd van 22 januari tot 5 februari 1921 gehouden bij Galerie Druet te Parijs. Van Ozenfant waren 25 en van Jeanneret 20 werken aanwezig. Alle werken hadden de afmetingen 100 bij 81 cm, het z.g. 40F formaat. Léonce Rosenberg kocht enkele schilderijen, die hij opnieuw exposeerde op de expositie Les Maîtres du Cubisme in mei 1921 in Rosenbergs Galerie de l'Effort Moderne.
Een derde expositie was het Pavillon de l'Esprit Nouveau op de L'Exposition Internationale des Arts Décoratifs et Industriels te Parijs, die op 28 april 1925 werd geopend. Door problemen was het huis pas vanaf 10 juli 1925 voor het publiek geopend. Het was tevens het einde van de samenwerking tussen Ozenfant en Le Corbusier. De kunststroming purisme was voorbij.
De naam purisme en purist werd het eerst genoemd door Ozenfant in zijn artikel Notes sur le cubism in het tiende en laatste nummer van het tijdschrift L'Elan van 1 december 1916.
Ter gelegenheid van de tentoonstelling L'Esprit Nouveau: Purism in Paris, 1918-1925, die gehouden werd van 29 april t/m 5 augustus 2001 in het Los Angeles County Museum of Art en van 6 oktober 2001 t/m 6 januari 2002 in het Musée de Grenoble verscheen de catalogus L'Esprit Nouveau: Purism in Paris, 1918-1925 geschreven door
Carol S. Eliel (Los Angeles 2001, ISBN: 0-8109-6727-8)
| kunstwerk | kunstenaar | titel | jaar | nu te zien in |
![]() | Amédée Ozenfant | Akkoorden | 1922 | Academy of Arts, Honolulu |
![]() | Charles-Edouard Jeanneret | Stilleven met witte kruik op een blauwe achtergrond | 1919 | Kunstmuseum, Bazel |
![]() | Salvador Dali | Puristisch stilleven | 1924 | Fundacion Gala-Salvador Dali, Figueras |
![]() | Alexandra Exter | Puristische compositie | 1925 |