In Italië verenigen zich rond de schrijver Fillipo Tomasso Marinetti (1876-1944) een aantal schilders, o.a. Carlo Carrà (1881-1966), Umberto Boccioni (1882-1916), Giacomo Balla (1871-1958), Luigi Russolo (1885-1947) en Gino Severini (1883-1966), die zich 'futuristen' noemen.
Op 20 februari 1909 wordt in de Parijse krant Le Figaro het Futuristisch Manifest van Filippo Tomasso Marinetti afgedrukt, waarin hij afrekent met het artistieke verleden, onder meer door de woorden te bevrijden van de grammatica. Behalve in Le Figaro staat het manifest nog in andere kranten, b.v. in Democratia te Craiova en enkele dagen later in Biblioteca Moderna te Boekarest, Roemenië.
De enige buitenlander die zich hierbij aansluit is de Fransman Robert Delaunay. De futuristen willen breken met de passiviteit van het academisme en stellen hier tegenover: snelheid, beweging, onrust, kracht en geweld. Dit bereiken ze door het aannemen van een z.g. motorisch oogpunt. Net als de kubisten breken zij met het Renaissancistische perspectief. Het 'simultané' van de kubisten wordt niet als middel maar als doel gebruikt.
In 1910 geven Boccioni, Carra, Russolo, Balla en Severini een gezamelijk manifest uit: 'Manifeste technique de la peinture Futuriste'. Hierin wordt het einde van de kunst van het verleden en de geboorte van de kunst der toekomst verkondigd. Hoofdgedachte is dat de schilderkunst het moderne leven in al zijn activiteiten tot uitdrukking moet brengen. Om dat doel te bereiken moet de kunstenaar breken met de oude, traditionele onderwerpen en moet hij zich toeleggen op de verbeelding van de universele dynamiek. Beweging, lawaai, geweld en de gelijktijdigheid van die symtomen staan in de futuristische schilderkunst centraal.
Om hun ideaal van actie, snelheid en beweging zichtbaar te maken pasten de futuristische kunstenaars bepaalde technieken én bijzonder gebruik van beeldaspecten toe, die op zichzelf niet nieuw waren. In de compositie komen vaak diagonalen voor; de kleur wordt dikwijls fel en contrastrijk toegepast; veelal wordt de ontlede geabstraheerde vormentaal van de kubisten toegepast; de contour is niet scherp maar aangevreten; 'nerveus' lijngebruik; gespreid licht en meerdere lichtbronnen en aan de experimenten op fotografisch gebied en aan de film (eerste vertoning 1891) ontleend men het bewegingseffect dat ontstaat als men de (gefixeerde) onderdelen van een beweging in een ritmische vormkarakteristiek naast elkaar zet, zodat de vorm overlappend herhaald wordt. Onderwerpen die men bij voorkeur koos waren 'het moderne stadsbeeld' en 'de wereld van de machine!'.
![]() | ![]() | ![]() | ![]() |
Op 3 maart 1910 treden de futuristen in het Theatro Chiarella te Turijn in de openbaarheid. Op 11 april wordt er een manifest over de techniek van de futuristische schilderskunst uitgegeven. Hoogtepunt was een gezamenlijke tentoonstelling Esposizione d'Arte Libera in mei 1911 in Milaan. Tot slot verscheen er in 1912 nog een manifest over futuristische beeldhouwen.
In 1912 wordt in diverse steden een tentoonstelling gehouden. In Parijs wordt van maandag 5 t/m zaterdag 24 februari 1912 de tentoonstelling gehouden in Galerie Bernheim-Jeune, in maart in de Sackville Gallery te Londen en in april in Der Sturm te Berlijn. Daarna wordt nog tentoongesteld in Brussel, in Kunsthandel Biesing te Den Haag, Amsterdam en München. In februari 1913 verschijnt van Boccioni het boek Pittura Scultura Futuriste (=Futuristisch schilderijen en beelden) met 51 reproducties van werken van Boccioni, Carrà, Russolo, Balla, Severini en Soffici.
Van 18 mei tot 15 juni 1913 wordt door de Rotterdamsche Kunstkring de tentoonstelling Les peintres et les sculpteurs FUTURISTES italiens gehouden. In de catalogus staat een Frans voorwoord van de futuristen, waarbij de opmerking wordt gemaakt, dat de inhoud al vastgesteld is in 1911.
In 1913 verschuift het centrum van de beweging. Severini is naar Parijs en de in Rome wonende Balla krijgt min of meer de leiding. Hij maakt de schilders Depero, Enrico Prampolini en Francesco Cangiullo wegwijs in het futurisme.
In december 1913 opent Giuseppe Sprovieri zijn Galleria Futurista. De eerste expositie is gewijd aan beelden van Boccioni. Tijdens de expositie zijn er poëzie- en muziekavonden. Terwijl Marinetti in januari en februari 1914 Moskou en St. Petersburg bezoekt wordt in februari 1914 de Esposizione di pittura futurista geopend en in april 1914 de Esposizione libera futurista internazionale. In 1914 wordt in de Doré Galleries gehouden de Exhibition of the works of the Italian Futurist; painters and sculptors. Marinetti verzorgt een aantal voordrachten. In mei 1914 wordt in Napels een filiaal van de galerie geopend. Enkele maanden later, als de Eerste Wereldoorlog is uitgebroken, is Sprovieri vermist aan het front. In 1914 is in het Constanzi theater een bijeenkomst van de futuristen. In de foyer is een grote tentoonstelling van ongeveer 50 werken.
Erg 'toekomstig', het Italiaanse woord 'il futuro' betekent 'de toekomst', is deze specifieke Italiaanse schilderrichting niet geweest, want door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog en de deelname van Italië vanaf mei 1915, wordt de groep personen verspreid. De oorlog wordt door de futuristen gezien als een mogelijkheid om met het verleden te breken. De centrale figuur Boccioni en Sant'Elia treden in 1915 als vrijwilliger in dienst. Boccioni wordt gewond en komt als hij herstellende is door een ongeluk op 17 augustus 1916 om het leven. Hij valt n.l. van zijn paard en paardenhoeven verbrijzelen zijn borst. Hij sterft in het ziekenhuis van Verona. Ook Marinetti, Soffici en Russolo deden dienst aan het front. Severini keert in 1915 terug naar het kubisme, Russolo stopt met schilderen terwijl Carlo Carrà onder de invloed van de metafysische schilderkunst van Giorgio De Chirico komt te staan. Giacomo Bella wordt de leider van de futuristen, maar keert na enige tijd terug naar het academisch realisme.
Picasso en Cocteau, die op 17 februari 1917 naar Rome waren afgereisd, ontmoetten in Rome Balla, Depero, Prampolini, Cangiullo en Armando Spadini. Vaak was dat in het hiernaast afgebeelde Antico Caffè Greco in de Via Condotti, maar Picasso bezocht ook vaak de ateliers van Depero en Prampolini. Carrà en De Chirico lagen in het militaire ziekenhuis in Ferrara.
| 1919 | maart - april | Grande esposizione nazionale futurista | Galleria Centrale d'Arte, Palazzo Cova, Milaan |
| 1929-1930 | 27 december - 9 januari | Peintres Futuristes Italiens | Galerie Rue La Boëtie 23, Parijs |
| 1950 | november - december | Futurismo e pittura matafisica | Kunsthaus, Zürich |
| 1954 | 22 maart - 1 mei | Futurism: Balla Boccioni Carrà Russolo Severini | Sidney Janis Gallery, New York |
| 1963 | 28 september - 3 november | Italien 1905-1925 - Futurismus und Pittura metafisica | Kunstverein, Hamburg |
| 1963-1964 | 16 november - 5 januari | Italien 1905-1925 - Futurismus und Pittura metafisica | Frankfurter Kunstverein, Kuratorium Kulturelles, Frankfurt |
| 1972 | 4 november - 9 december | Exhibition of Italian Futurism 1909-1919 | Hatton Gallery, Newcastle |
| 1972-1973 | 17 december - 14 januari | Exhibition of Italian Futurism 1909-1919 | Royal Scottish Academy, Edinburgh |
| 1973 | 19 september - 19 november | Le Futurisme 1906-16 | Musée National d'Art Modern, Parijs |
| 1974 | 25 maart - 28 april | Futurismus 1909-17 | Stadtische Kunsthalle, Düsseldorf |
| 1986 | mei - september | Futurismo & Futurismi | Palazzo Grassi, Venetië |
| 1986 | juli - september | Esposizione di pittura futurista | Studio d'Arte Barnabò, Venetië |
| 1986 | oktober - november | Esposizione di pittura futurista | Galleria Sprovieri, Rome |