Académie Carrière

De symbolische schilder Eugène Carrière, die op 17 januari 1849 te Gournay-sur-Marne geboren was, opende in 1899 een academie in het atelier op de binnenplaats Cour du Vieux-Colombier, die bereikbaar was via Rue de Rennes 76. In tegenstelling tot de Ecole des Beaux-Arts ondersteunde hij zijn studenten zich vrij te ontwikkelen. De dagelijkse leiding was in handen van het Italiaanse model Camillo. Carrière was zodanig begaan met de culturele ontwikkeling van het volk dat hij in 1901 de Ecole de la rue speciaal voor het arme bevolkingsdeel oprichtte.

Later bekende studenten waren o.a. Munch, Henri Matisse, André Derain en Pablo Picasso. Ook de Nederlandse schilderes Jacoba van Heemskerck was in 1901 student aan de Académie Carrière en de Nederlander Otto van Rees eind 1904. Volgens Irène Leparre in de monografie van Otto van Rees was de academie toen gevestigd op de Boulevard de Clichy. De in 1903 opgerichte Salon d'Automne eerde Carrière met het erevoorzitterschap.

Door het teruglopen van het aantal leerlingen en Carrières dood op 7 maart 1906 kwam er spoedig een einde aan het bestaan van de academie.

Eugène Carrière wordt door de Académie Française sinds 1994 o.a. geëerd door de jaarlijkse toekening van de Prix Eugène Carrière aan een schrijver van een kunsthistorisch werk.

In verband met de herdenking van zijn sterfdag honderd jaar geleden werd op zaterdag 30 september 2006 om 17.30 uur de conferentie: L’Académie Carrière gehouden in het Musée Municipal de Saint-Cloud (Tel.: 01-46-02-67-18). Aandacht aan Carrière werd ook besteed in het Musée d'Orsay te Parijs met de expositie Auguste Rodin - Eugène Carriére, die van 11 juli t/m 1 oktober 2006 plaats vond.