Mobilisatie Eerste Wereldoorlog

1 augustus 1914

Nadat op 28 juni 1914 de Oostenrijkse troonopvolger Aartshertog Franz Ferdinand en zijn echtgenote tijdens een bezoek in de Servische plaats Sarajewo waren doodgeschoten kwam een onafwendbare wedloop naar oorlog op gang. Op 28 juli 1914 verklaarde Oostenrijk-Hongarije de oorlog aan Servië en ging Rusland over tot mobilisatie. In Frankrijk werd laat in de avond van 31 juli 1914 een algemene mobilisatie afgekondigd, nadat Duitsland op die dag een ultimatum aan Frankrijk en Rusland had gesteld. Op 2 augustus moest iedereen, die daarvoor in aanmerking kwam, zich melden. Hierdoor kwam een einde aan de samenwerking van Pablo Picasso en Georges Braque. Niet alleen manschappen, maar ook paarden en voertuigen werden gevorderd, zoals op nevenstaande foto te lezen was.

Picasso, Braque en André Derain waren bijelkaar in de buurt toen de oproep kwam. Picasso en Eva kwamen op 15 juni 1914 op bezoek bij Derain en zijn vrouw Alice in Avignon. Aan het eind van de dag vertrokken de Picasso's naar Tarascon om een huis voor de zomer te huren. Derain had een huis in Montfavet gehuurd. Het lukte Picasso niet een geschikt huis in Tarascon te huren en Picasso en Eva keerden terug naar Avignon, waar zij eind juni een geschikt huis vonden in de Rue Saint-Bernard 14. Op 5 juli kwamen Braque en zijn vrouw Marcelle naar dezelfde streek. Zij huurden een huis in Sorgues. De afstanden waren zo klein, dat de schilders en de vrouwen elkaar zeer geregeld zagen. Op 30 of 31 juli brachten Picasso en Eva een bezoek aan Parijs, waar Picasso o.a. zijn geld van de bank haalde, en keerden zij weer terug naar Avignon. Picasso was net op tijd om op het station van Avignon afscheid te nemen van Braque en Derain. Het was het einde van de jarenlange ontwikkeling van het kubisme van Picasso en Braque. Ook de Puteaux-groep viel door de mobilisatie uit elkaar.

Op 3 augustus verklaarde Duitsland de oorlog aan Frankrijk en viel het Duitse leger via België Frankrijk aan. Door de internationale overeenkomsten werd op 4 augustus Engeland bij de oorlog betrokken.

Opgeroepen

Braque Léger, rechts Derain

Opgeroepen werden, daar zij de Franse nationaliteit hadden, de kubisten Braque (links), Raymond Duchamp-Villon, Roger de la Fresnaye, Albert Gleizes, Auguste Herbin, Fernand Léger (midden rechts), André Lhote, Jean Metzinger, Jacques Villon en de schrijvers André Salmon en Maurice Raynal. Herbin werd in verband met zijn geringe gewicht spoedig vrijgesteld van militaire dienst. Derain (rechts) kreeg een opleiding voor de fietsbrigade. Léger werd opgeleid bij de genie.


Vrijwillig

Gutfreund Marcoussis Apollinaire

Vrijwillig, daar zij niet de Franse nationaliteit hadden, gingen in dienst Guillaume Apollinaire (links), Joseph Csáky, Serge Férat, Louis Marcoussis (midden), Francis Picabia, Otto Gutfreund (rechts) en Frantisek Kupka. Apollinaire, die in september in dienst ging, kreeg een opleiding voor de cavalerie. Serge Férat werd in het Italiaans militair ziekenhuis te Parijs als hospitaalsoldaat aan het werk gesteld. Louis Marcoussis werd sergant-major. Picabia werd aangenomen, daar hij zijn eigen auto en zijn diensten als chauffeur aanbood. De Italiaan Gino Severini had open tuberculose en werd niet toegelaten tot de militaire dienst.

Buiten Frankrijk

Een aantal kubisten was bij het uitbreken van de oorlog niet in Frankrijk. Piet Mondriaan was wegens een bezoek aan zijn zieke vader in Nederland. Henri Le Fauconnier was op uitnodiging van Conrad Kickert in Nederland. Hij bleef met zijn vrouw in neutraal Nederland. Diego Rivera, die in gezelschap van zijn vrouw Angelina Beloff was, en Jacques Lipchitz waren op Majorca. Robert en Sonia Delaunay waren in Spanje. Het langere verblijf in Spanje en Portugal werd niet veroorzaakt door dienstweigeren, want Robert Delaunay was al in 1908 afgekeurd voor militaire dienst. Marc Chagall was in Vitebsk, Rusland, in verband met het trouwen van zijn zus.

De Spanjaarden Pablo Picasso en Juan Gris, die in Collioure verbleef op de dag dat de oorlog werd verklaard, bleven min of meer alleen achter.

Italië nam vanaf 24 mei 1915 deel aan de Eerste Wereldoorlog. Dit had voor de futuristen dezelfde gevolgen als voor de kubisten.

Laatste wijziging: 080811