Het café lag/ligt op de hoek van de Rue St. Vincent en de Rue des Saules aan de noordkant van de heuvel, de z.g. butte. (De rode punt binnen de cirkel geeft de plaats aan.) Zoals gebruikelijk bij Parijse bezienswaardigheden staat bij Le Lapin agile een toeristisch schild met informatie.
Oorspronkelijk was de naam Au Cabaret des Assassins, maar dat veranderde in Au Lapin à Gill toen de karikaturist André Gill (1840-1885) in 1875 het nevenstaande reclamebord schilderde. Daarna werd de naam verbasterd tot Le Lapin agile.
Aan het begin van de twintigste eeuw was het een trefpunt van de plaatselijke schilders en schrijvers, maar zakelijk liep het niet goed meer. In 1902 dreigde de slopershamer, maar de cabaretier Aristide Bruant kocht het en verpachtte het aan de ex-eigenaar van het Café Zut. Café Zut, gelegen aan de Place Jean-Baptiste Clément, was een ontmoetingsplaats van Spanjaarden. Frédé, die eerder visverkoper was geweest, witte de muren eind 1901 en Ramón Pichot schilderde de Eiffeltoren met het luchtschip van Santos-Dumont erop en Pablo Picasso een kluizenaar met naakten en zijn vriend Sabartés als redenaar met een boek. Père Frédé (Frédéric Gérard) en zijn vrouw Berthe la Bourguignonne waren zeer welwillend voor de kunstenaars. Als dank voor een maaltijd of hun hulp kregen zij vaak een schilderij. De karikaturist André Gill schilderde een nieuw uithangbord. Aan de voet van de heuvel speelde zich het Parijse nachtleven af met café's, theaters en bordelen. Op de heuvel, vooral aan de noordelijke kant, waren goedkope kamers zonder enig comfort te huur, die aantrekkelijk waren voor de vele kunstenaars die naar Parijs kwamen. 's Avonds waren zij te vinden in Le Lapin Agile. Hier kwamen ook de bewoners van het nabij gelegen ateliercomplex Le Bateau-Lavoir bijeen. Picasso, Kees van Dongen, Juan Gris en hun bezoekers zoals Georges Braque en de kunsthandelaar Daniel-Henry Kahnweiler waren vaste gasten. De oorspronkelijke muurschilderingen, die enkele feiten van de moordenaar Jean-Baptiste Troppmann (1848-1869), vandaar de naam Cabaret des Assassins, lieten zien, werden overgeschilderd door Picasso, Suzanne Valadon, Maurice Utrillo, Pierre Girieud en Francisque Poulbot. In 1922 verkocht Bruant het cabaret aan Frédés zoon Paulo Gerard. Mede door Paulo's vrouw, de zangeres Yvonne Darle, werd Le Lapin agile een bekend uitgaansgelegenheid waar nieuw muzikaal talent een kans kreeg. Vanaf 1972 is de leiding in handen van Paulo's schoonzoon Yves Mathieu. Het gebouw is 's avonds nog steeds in gebruik voor een cabaretvoorstelling. Zie de website www.au-lapin-agile.com/. |
|
Op de nevenstaande foto is in het midden onder de lamp het er naast staande schilderij Au 'Lapin Agile' van Picasso uit 1905 te zien. (Een grotere afbeelding van het interieur en het schilderij kunt u vinden op de website www.au-lapin-agile.com.) In 1912 verkocht Frédé het schilderij aan de kunsthandelaar Alfred Flechtheim, daar hij dringend geld nodig had om een rekening te voldoen. In augustus 1914 verkocht Flechtheim via de Zweedse schilder Nils von Dardel (1888-1943) het schilderij aan Rolf de Maré voor 7000 francs. De Maré verkocht het schilderij in 1952 voor een bedrag van $ 40.000 aan de kunsthandelaar César Mange de Hauke in New York. Via Knoedler and Co. te New York kwam het werk bij het echtpaar Charles (roepnaam Charlie) Payson (1898-1985) en Joan Whitney(1903-1975). Joan was een zus van de kunstverzamelaar John Hay Witney en trouwde in 1924 met Charles Shipman Payson. Het echtpaar kreeg drie dochters en twee zonen. Na de dood van Joan erfde dochter Lorinda, die getrouwd was met Vincent de Roulet, het werk. Het schilderij werd op 15 november 1989 geveild bij Sotheby's te New York en via de telefoon gekocht voor $ 40,7 miljoen door de uitgever Walter Hubert Annenberg (1908-2002) en zijn vrouw Leonore Cohn (1918-2009). Walter Annenberg richtte in 1989 de Annenberg Foundation op. In 1992 bracht het echtpaar Annenberg het schilderij onder bij het Metropolitan Museum of Art te New York. In 2002 erfde het museum het werk van Walter Annenberg.
Picasso schilderde in 1904 een portret van Berthes dochter Margot/Marguerite met haar tamme kraai met als titel La Femme à la corneille. Margot trouwde in 1913 met de schrijver Pierre Mac Orlan. In 1912 kocht Frédé het schilderij voor 1000 FF.
Frédérique werd ook via zijn ezel Lolo bekend, daar de schrijvers Roland Dorgelès en André Warnod de ezel als schilder Joachim Raphael Boronali een werk lieten maken, dat zij instuurden naar de Salon des Indépendants van 1910. Deze gebeurtenis wordt op het nevenstaande schild uitvoerig verteld.
Het café was een dankbaar onderwerp voor schilders. Hieronder enkele voorbeelden.
| Nevenstaande tekening is van Eduard Johannes Fredericus Houbolt (9/8/1885-14/1/1954), die hem maakte voor de artikelreeks Wandelingen door Montmartre met schilderkist en teekenboek in Elseviers Geillustreerd Maandschrift in 1926. |
| Maurice Utrillo (1883-1955) schilderde het nevenstaande Le Lapin Agil sous la neige. Op 1 december 2006 werd het schilderij voor 72.000 euro (95.612 euro inclusief veilingkosten) geveild bij Christie's te Parijs. De verkopende eigenaar, René Küss, had het gekocht op 11 december 1957 bij een veiling o.l.v. Alphonese Bellier bij Hôtel Drouot te Parijs. |
Meer voorbeelden kunt u zien op de website paris.bypainters.com.