Stromingen:

Het wetenschappelijk, orphisch, fysisch en instinctief kubisme.

Het instinctief kubisme.

Deze naam is gegeven aan het werk van die schilder, die al of niet los van de kubistische stroming in het begin van de 20e eeuw, grote overeenkomst vertoont met dat werk, ondanks dat de schilder zuiver instinctief te werk is gegaan. Guillaume Apollinaire heeft met de omschrijving ' De nieuwe vormen zijn niet ontleend aan de zichtbare wereld, maar aan de werkelijkheid die de kunstenaar wordt ingegeven door instinct en intuïtie' een mogelijkheid geopend om vele kunstenaars tot het kubisme te rekenen.

Vertegenwoordigers zijn volgens Apollinaire in zijn op 17 maart 1913 verschenen boek Méditations esthétiques. Les Peintres Cubistes de schilders Henri Rousseau, Henri Matisse, André Derain, Raoul Dufy, Gino Severini, Umberto Boccioni, Lyonel Feininger en Paul Klee. Allen hebben al of niet lang een zekere geometrische stylering in hun werken.

Apollinaire noemde in de drukproef nog enkele andere kunstenaars, n.l. de karikaturist Henri Jossot, de schilderes Gerebtzoff, Alexandra Exter en Frantisek Kupka Zij stonden later niet in het uiteindelijke boek.

Hieronder staan enkele voorbeelden.

kunstwerkkunstenaartiteljaar
Raoul DufyRaoul DufyGroene bomen te L'Estaque1908
Cadaqués, afmetingen: 60 x 74 cmAndré DerainCadaqués1910
Wielrenners Lyonel FeiningerWielrenners1912

Opmerking.

Apollinaire noemt in een aanvullende 'note' in Méditations esthétiques. Les Peintres Cubistes Louis Vauxcelles, René Blum, Adolphe Basler, Gustave Kahn, Marinetti en Michel Puy verdedigers van de kunstenaars, die verwant zijn aan het instinctief kubisme. Gustave Kahn was een criticus die schreef voor Le Mercure de France.

Laatste wijziging: 070911