Michael Stein (1865-1938) en Sarah Stein (1870-1953).

Michael Stein Sarah Stein

Michael (roepnaam Mike) werd op 26 maart 1865 geboren te Pittsburgh. Na een studie aan de Johns Hopkins University hielp hij zijn vader bij het leiden van een trammaatschappij in San Francisco. Michael ontmoette en trouwde in San Francisco op 1 maart 1893 met Sarah Samuels, die geboren was op 26 juli 1870 te San Francisco. Na de dood van zijn vader beheerde Michael een ruim familiekapitaal en maakte hij carrière bij de trammaatschappij The Market Street Railway Company. In 1903 nam Michael ontslag en besloot hij naar Europa te gaan.

Zie voor een beschrijving van Michaels jeugd de webpagina Familie Stein.

Rue Madame 58

Michael, Sarah, hun zoon Allan, geboren op 7 november 1895, en de pianolerares en tevens au-pair Theresa Ehrman kwamen in december 1903 aan in Cherbourg en vestigden zich in januari 1904 in de Rue de Fleurus 2 te Parijs. Na korte tijd huurde zij een woning in de Rue Madame 58 te Parijs vlakbij de woning van broer Leo en zus Gertrude in de Rue de Fleurus 27. Michael en Sarah verzamelden vanaf 1905 werken van Matisse.

Allan Stein; afm.: 55 x 46 cm, 1907 Allan Stein; afm.: 74 x 59,7 cm, 1906

Zowel Pablo Picasso als Matisse schilderde zoon Allan. De gouache van Picasso uit 1906 werd in opdracht van Michael gemaakt om als verjaardagscadeau voor zijn vrouw Sarah te dienen. In augustus 1949 verkocht Allan het werk aan de familievriendin Etta Cone om zijn financiële situatie te verbeteren. Etta Cone schonk het werk aan The Baltimore Museum of Art. Matisse schilderde het nevenstaande portret van Allan met de titel Portrait aux cheveux bouclés, pull marin rond 1907. Het schilderij werd op 6 november 2008 geveild bij Christie's te New York. De nieuwe eigenaar moest $ 650.500 incl. veilingkosten betalen. Volgens de veilingcatalogus was het schilderij steeds in bezit geweest van de familie Matisse. De verkopende eigenaar had het geerfd van Pierre Matisse, die het werk van zijn vader had geerfd.

Rue Madame 58, vlnr: Michael, Sarah, Matisse, Allan en Hans Purrmann, 1907

Op zaterdagavond hielden de Steins vanaf negen uur 's avonds open huis. Onder de bezoekers waren Matisse en de Russische verzamelaar Sergej Stschukin. Sarah kreeg van Matisse raadgevingen voor het schilderen. Tussen 1905 en 1908 verzamelden Michael en Sarah de meeste werken. Na de aardbeving die San Francisco trof op 18 april 1906 ging het gezin Stein, Michael, Sarah en Allan, op 28 april scheeps om via New York door te reizen naar San Francisco. Op deze reis namen zij drie schilderijen van Matisse mee, waarmee zij ervoor zorgden dat Matisse voor het eerst in Amerika was te zien. Matisse werd verder bekend doordat Michael twee werken van Matisse uitleende aan de Armory Show in 1913. Het gezelschap, dat uitgebreid was met Annette Rosenshine, ging op 7 november 1906 aan boord van de Rijndam in New York om na de overtocht naar Rotterdam op 17 november met de trein in Parijs aan te komen. In 1908 hielp Sarah mee bij het oprichten van de Académie Matisse.

Op een party in San Francisco ontmoetten zij Alice B. Toklas. Door de enthousiaste verhalen besloot Alice samen met haar vriendin Harriet Levy naar Parijs te gaan. In september 1907 arriveerde Alice Toklas (1877-1967), die uit hetzelfde gegoede Joodsmilieu kwam als de Steins. Op 28 september werd Alice uitgenodigd bij Gertrude en Leo Stein. Ook Picasso en Fernande Olivier waren die avond uitgenodigd. In 1910 trok Alice B. Toklas in bij Leo en Gertrude Stein.

Vanaf 16 juli 1910 bracht het gezin Stein een lang bezoek aan San Francisco in verband met de ziekte en overlijden van Sarahs vader. Daar Michael besloot de onroerendgoed bezittingen van de familie te verkopen keerde het gezin Stein pas in september 1911 terug in Parijs. Kort voor het moment dat de Eerste Wereldoorlog in augustus 1914 uitbrak hadden de Steins op verzoek van Matisse en de Duitse schilder Hans Purrmann negentien schilderijen uitgeleend aan de Kunstsalon Fritz Gurlitt in Berlijn voor de tentoonstelling Henri Matisse in juli-augustus 1914. De afloop is enigszins onduidelijk. Volgens Janet Bishop in de tentoonstellingscatalogus van 2011 werden de werken onder de dreiging van confiscatie als de Verenigde Staten deel zou gaan nemen aan de oorlog bij voorbaat verkocht. De waarde van de schilderijen uit de periode 1897-1909 werd in november 1916 door Michaeel Stein geschat op $ 13.700. Volgens Purrmann werden de werken denkelijk in december 1917 gekocht door de verzamelaar Christian Tenzen-Lund, maar pas in oktober 1920 afgeleverd in Kopenhagen. Volgens de schrijfster Linda Wagner-Martin zorgde Purrmann er uiteindelijk voor dat de schilderijen naar Parijs terugkwamen. Michael verkocht de schilderijen aan Christian Tenzen-Lund en Trygne Sagen.

Sarah Stein; afm.: 72,4 x 56,5 cm Michael Stein; afm.: 67,3 x 50,5 cm Michael Stein en Matisse

Bij het uitbreken van de oorlog waren Michael en Sarah op vakantie in Agay, een plaats niet ver van Fréjus aan de Franse Riviera. Matisse schilderde in 1916 het nevenstaande portret van Sarah en van Michael. Beide portretten maken nu deel uit van de Sarah and Michael Stein Memorial Collection in het San Francisco Museum of Modern Art. In 1917 verhuisden Michael en Sarah Stein naar de Rue de l'Assomption 14 in Parijs, maar verlieten Parijs in maart 1918 wegens de beschietingen door het Duitse leger. In april waren zij weer even terug om o.a. een aantal schilderijen te versturen naar Gertrude, die met Alice in Nîmes verbleef voor de American Fund for French Wounded. Michael en Sarah vertrokken daarna naar Zuid-Frankrijk, waar zij op diverse plaatsen woonden. In oktober 1918 keerden zij terug naar Parijs, waar zij een gemeubileerd appartement op Boulevard Raspail 248 huurden en op 27 augustus 1922 in de Rue de la Tour 59 in de Parijse wijk Passy. Sarah en Michael Stein waren met Gabrielle Colaço-Osorio de enige gasten buiten de getuigen en familieleden bij het huwelijk van Matisses dochter Marguerite (1895-1982) met kunsthistoricus Georges Duthuit (1891-1973) op 10 december 1923. Op 24 april 1924 trouwde zoon Allan met de Australische danseres en choreografe Yvonne Daunt (1899-1962). Het paar zou in 1930 scheiden. Hun zoon Daniel, geboren op 27 augustus 1927, zou opgroeien bij zijn grootouders. Allan zou later trouwen met Roubina Alexanian (1909-2000).

Villa Stein-de Monzie

In 1926 lieten Michael en Sarah door Le Corbusier de villa Les Terrasses, ook bekend als Villa Stein-de Monzie, in de Parijse voorstad Garches (nu bij Vaucresson) ontwerpen. Op 6 juli 1935 scheepten Michael en Sarah zich in op het Nederlandse stoomschip Statendam om terug te keren naar de V.S. Zij vestigden zich in Kingsley Avenue 433 te Palo Alto in Noord-Californië, waar zij de rest van hun leven doorbrachten. Ook kleinzoon David en Gabrielle Colaço-Osorio en haar dochter Jacqueline woonden bij hen. Na de dood van Michael op 9 september 1938 bleef Sarah corresponderen met Matisse en kocht zij nog door Matisse geïllustreerde boeken. Tot eind jaren veertig ontving Sarah op donderdagavond kunstenaars, schrijvers, museumdirecteuren en studenten.

In april 1940 kwamen Allan en Roubina Stein met hun tweejarige zoon Michael vanuit Frankrijk naar Palo Alto. In 1940 werd dochter Gabrielle geboren. In 1944 keerde het gezin van Allan terug naar Frankrijk. Op 18 januari 1951 overleed Allan en Sarah op 15 september 1953. In het San Francisco Museum of Art werd in 1955 de Sarah en Michael Stein Memorial Collectie ondergebracht. Kleindochter Gabrielle overleed in 1997 en kleinzoon Daniel in 2008.

Tentoonstellingen.

boek, 1970

In 1970 werd in The Museum of Modern Art te New York de tentoonstelling Four Americans in Paris: The Collections of Gertrude Stein and Her Family gehouden met een overzicht van de werken die de familie Stein in bezit had gehad. In 1971 werd de tentoonstelling in een aangepaste vorm ook gehouden in The Baltimore Museum of Art en het San Francisco Museum of Art.

affiche, 2011
affiche, 2011

In 2011 werd van 21 mei t/m 6 september in het San Francisco Museum of Modern Art de tentoonstelling The Steins Collect - Matise, Picasso, and the Parisian Avant-Garde gehouden. Daarna ging de tentoonstelling naar Parijs, waar van 5 oktober 2011 t/m 16 januari 2012 in het Grand Palais de tentoonstelling Matisse, Cézanne, Picasso. L'aventure des Stein gehouden. De tentoonstelling ging tot slot van 1 februari t/m 3 juni 2012 naar het Metropolitan Museum of Art te New York.

boek, 1995

Bronnen en verdere informatie

Zie behalve de catalogi van bovenstaande tentoonstellingen ook het door Linda Wagner-Martin geschreven boek 'Favored Strangers' Gertrude Stein and her family, New Brunswick 1995, ISBN: 0-8135-2169-6.


Laatste wijziging: 310512