Jan Krugier werd in 1928 in Polen geboren als Janick Krygier in Radom (Polen). Zijn moeder overleed, toen Jan vijf jaar was en hij werd opgevoed door zijn vader. Zijn vader had Franse kunst in huis, waaronder schilderijen van Utrillo. In 1942 werd zijn vader en andere familieleden door de Duitse bezetter gedood. Jan werd naar een werkkamp overgebracht. Na een ontsnapping werd hij geplaatst in het concentratiekampen Auschwitz-Birkenau. In verband met het naderende Russische leger werden de dwangarbeiders gedwongen naar Duitsland te lopen. Hier kwam Jan te werken bij de productie van de V2-raketten in Mittelbau-Dora. Bij de capatulatie van Duitsland was Jan in Hannover, waar hij Margaret Bleuler uit Zwitserland ontmoette. Zij bracht hem en andere Poolse overlevenden van de concentratiekampen naar Zürich. Door een Zwitserse familie was hij na de oorlog instaat te studeren bij Johannes Itten aan de Kunstgewerbeschule in Zürich. Tijdens een verblijf in de Zwitserse regio Les Girons ontmoette Jan de kunstenaar Alberto Giacometti (1901-1966), waarmee hij later bevriend werd.
Eind 1948 vertrok Krugier naar Parijs waar hij een zeer korte tijd lessen volgde bij André Lhote. Jan betrok een atelier in de Cité Falguière en ontmoette opnieuw Giacometti. Jan keerde terug naar Zwitserland en in 1955 ging hij werken bij de kunsthandelaar Jacques Bénador. Van 1962 tot 1971 had Krugier de galerie Krugier & Cie in Genève. In 1972 opende de Galerie Jan Krugier de deuren.
In 1968 trouwde Krugier met de op 31 mei 1931 geboren kunstenares Marie-Anne Poniatowski en begonnen zij tekeningen te verzamelen. Het echtpaar kreeg dochter Tzila en zoon Aviel. Het echtpaar bouwde een verzameling van meer dan 500 tekeningen vanaf de 16de eeuw op, waarvan geregeld een deel werd en wordt tentoongesteld. Sinds 1999 zijn er tentoonstellingen geweest in o.a. Berlijn, Venetië, Madrid, Parijs en Wenen. Tijdens de opening in Wenen werd nevenstaande foto gemaakt. In 2007 was van 20 juli t/m 7 oktober een deel van de verzameling te zien in München.
In augustus 1976 werd Jan Krugier in verband met de afhandeling van de erfenis van Picasso door Marie-Thérèse Walter in contact gebracht met Marina Picasso. Marina was daarmee de enige erfgenaam, die een deskundige inschakelde. Jan Krugier koos voor Marina het 1/10 deel van haar erfdeel dat zij zelf mocht uitkiezen. De rest werd door Maurice Rheims verdeeld.
Het contact tussen Krugier en Walter was door toeval ontstaan in 1973. Walter benaderde begin april 1973 Michel Poniatowski (1922-2002), die op 5 april 1973 Ministre de la Santé et de la Sécurité sociale (=Minister van Gezondheid en Sociale Zaken) was geworden, voor hulp bij het overbrengen van Pablito Picasso, die bleekwater had gedronken, naar een ziekenhuis in Parijs. Jan Krugier nam de telefoon aan in het huis van zijn zwager en zorgde voor het transport. Deze hulp werd ondanks de tragische afloop niet vergeten door Pablito's zus Marina.
In 1987 opende Jan Krugier een galerie in de Fuller Building te New York. Op de website van Gallery Jan Krugier te New York stond eind 2006 de nevenstaande foto waarop te zien is het schilderij Zittende vrouw met mandoline uit 1911 en het beeldje Femme uit 1931. De galerie, die gevestigd was op de Madison Avenue 980 en de exclusieve handelaar voor de Marina Picasso collectie was sloot eind 2010. De oorspronkelijke galerie van Krugier, die nu Galerie Jan Krugier et Dietesheim & Cie heet, bestaat nog in de Gand-Rue 29-31 te Genève.
Jan Krugier overleed op 15 november 2008 te Genève.
Van 20 juli t/m 7 oktober 2007 werd in de Kunsthalle der Hypo-Kulturstiftung te München de tentoonstelling The Eternal Eye: From Rembrandt to Picasso, Masterworks from thecollection of Jan Krugier and Marie-Anne Krugier-Poniatowski gehouden waar 250 tekeningen, schilderijen en sculptures te zien waren.
In 2007 organiseerde Krugier de expositie Drawing in Space, die van 1 november 2007 t/m 18 januari 2008 gehouden werd bij de galerie Richard Feigen & Co. in de East 69th Street 34 te New York. Op deze tentoonstelling was o.a. de nevenstaande collage Bouteille et instruments de musique van Georges Braque uit 1918 te zien. Het werk staat niet afgebeeld in L'opera completa di Braque 1908-1929 van Marco Valsecchi uit 1971. Het werk werd op de TEFAF Maastricht 2007 verkocht door Galerie Jan Krugier & Cie uit Genève.
Het hierbovengenoemde schilderij Zittende vrouw met mandoline maakte deel uit van een vijftal tentoonstellingen 'Pablo Picasso Sammlung Marina Picasso', die gehouden werden ter gelegenheid van de 100ste geboortedag van Pablo Picaso. Op deze tentoonstellingen werd een deel van het bezit van Marina Picasso uit de erfenis van Picasso werd getoond.
| kunstwerk | titel | kunstenaar | jaar |
![]() | Vrouw met mandoline | Picasso | 1911 |
![]() | De schrijftafel | Picasso | 1910-1911 |
Het bovenstaande schilderij De schrijftafel was in de periode 1987-1989 in het bezit van Galerie Jan Krugier. Op 5 februari 2007 werd het werk geveild bij Sotheby's te Londen voor £ 1,308 miljoen.