Marevna werd als Maria Bronislavovna Vorobieff-Stebelskaya (ook geschreven: Vorobieva, Vorobev en Worobiew) geboren in Cheboksary (ongeveer 600 km oostelijk van Moskou) in 1892. Haar moeder was de actrice Maria Vorobieva en de vader de Pool Bronislav Vikientievich Stebelski. In 1910 ging Maria studeren aan de kunstacademie van Stroganov in Moskou. De naam waaronder zij bekend werd werd aan haar gegeven door Russische schrijver Maxim Gorki (1868-1936), die zij op een reis naar Italië op Capri ontmoette. In de herfst van 1912 verliet Marevna Rusland en vestigde zich in Parijs. Aanvankelijk schilderde zij in een pointillistische stijl en bezocht zij de Académie Colarossi en de Académie Russe. Zij vestigde zich in het ateliercomplex La Ruche, waar veel Oost-Eupopesche schilders en beeldhouwers verbleven. Om wat te verdienen hielp Marevna bij de sinds 1911 georganiseerde feesten van de Académie Russe, waarbij schilderijen werden tentoongesteld en geveild. De opbrengst was bestemd voor arme en behoeftige Russen. De feesten werden o.a. gehouden in Moulin de la Galette, La Closerie des Lilas en Salle Bullier. Na de meer besloten bijeenkomst gingen om 23 uur de deuren open voor het publiek. Het feest duurde tot de metro's 's morgens weer gingen rijden. Een bezoeker van Marevna's atelier in de Rue Méchain was Ossip Zadkine, waarmee zij ook uit wandelen ging. Andere vrienden waren Ilya en Katya Ehrenburg, Max Voloshin. In Parijs exposeerde Marevna op de Salon des Indépendantes van 1913 en kwam ze in kontakt met o.a. de kubisten André Lhote, Pablo Picasso.
In januari 1914 overleed de vader van Marevna, waardoor de maandelijkse toelage uit Rusland verviel. Door een aanwezige levensverzekering van haar vader kreeg zij nog een jaar een zeer kleine toelage. De financiële situatie brachten vrienden ertoe om een feest in een café aan de Avenue du Maine te organiseren waarvan de opbrengst bestemd was voor het onderhoud van Marevna. Eind 1914 na een reis naar Italië kon Marevna met geleend geld van Père Leblanc, die werkzaam was bij Café La Rotonde, een atelierruimte in de Rue Asseline huren.
Een koper tijdens de moeilijke oorlogsjaren was Léon Zamaron, een politiecommissaris, die maandelijks een werk kocht of haar met een aanbeveling doorstuurde naar een andere koper. Hij kocht ook van andere kunstenaars van de École de Paris. In november 2007 verscheen het door Olivier Philippe geschreven boek Léon Zamaron - Un flic ami des peintres de Montparnasse, ISBN: 9782913019515. Een andere koper was de schrijver Gustave Kahn (1859-1936) van de krant Le Quotidion.
Marevna ontmoette Diego Rivera voor het eerst in de crémerie Chez Rosalie in de Rue Campagn-Première 3 in 1915. Rivera was kort daarvoor met zijn vrouw Angelina Beloff uit Spanje teruggekeerd. Chez Rosalie was een ontmoetingspunt voor vele arme kunstenaars bij het vroegere Italiaanse model Rosalie Tobia, die in 1887 naar Parijs was gekomen en in 1906 de zaak voor 45 francs had gekocht, en haar zoon Luigi. Voor 2 francs kon men een eenvoudige Italiaanse maaltijd bestellen. Rivera was meestal in gezelschap van zijn vriendin Angelina Beloff, Jacques Lipchitz en Miestchaninoff. Marevna bezocht spoedig het atelier van Rivera in de Rue du Départ waar zij ook Guillaume Apollinaire, Maria Blanchard, Jean Cocteau, Othon Friesz, Natalja Gontcharova, Juan Gris, Max Jacob, Michail Larionov, André Lhote, Henri Matisse, Amedeo Modigliani, Pablo Picasso en Chaim Soutine tegenkwam. Samen met Ilya en Katya Ehrenburg, Voloshin en Boris Savinkov bezocht Marevna het atelier van Picasso in de Rue Victor Schoelcher 5 bis. Marevna ging ook om met Fernand en Jeanne Léger. Jeanne verzorgde enige tijd een zieke Marevna. Na een korte periode van beterschap werd Maverna opnieuw ziek. Ehrenburg nodigde haar uit naar Èze in Zuid-Frankrijk te komen. Na een bezoek aan Dr. Rosanov in Nice knapte Marevna door zijn advies en medicijnen spoedig op. In Èze maakte Marevna diverse kubistische schilderijen.
Terug in Parijs ontmoette zij steeds vaker Rivera via de vriendengroep. Angelina en Rivera probeerden Marevna te koppelen aan Miestchaninoff. Tijdens een bezoek aan Rivera met Ehrenburg en Picasso was Marevna te ziek om naar huis te gaan. De dagen daarna werd zij door Angelina verzorgd. Marevna ontmoette daarna Rivera geregeld met vrienden, terwijl Angelina vaak thuis bleef daar zij in verwachting was. Rivera bracht Marevna in contact met de kunsthandelaar Paul Rosenberg. Uiteindelijk sprak Rivera zijn liefde voor Marevna tegen haar uit. De relatie met Rivera begon volgens Maverna in augustus 1916. Marevna bezocht Angelina in het ziekenhuis, nadat zij op 11 augustus bevallen was van zoon Diego.
Na de geboorte van Rivera's zoon verbleef Rivera enige tijd bij Maverna, maar in verband met de zwakke gezondheid van zijn zoon verbleef Rivera tot 1921 afwisselend bij Marevna en Angelina. Het nevenstaande schilderij van Marevna met het potret van Rivera werd op 25 mei 2006 in de veiling Latin American Art bij Sotheby's te New York verkocht voor $ 39.000. Rivera maakte denkelijk in 1915 een kubistisch portret van Marevna onder de naam Portret van Marevna Vorobev-Stebelska. Zelf werd zij de eerste kubistische kunstenares genoemd. De combinatie van pointillisme en kubisme noemde zij zelf Dimensionalisme. Marevna stond ook model voor Amedeo Modigliani. Bovenaan de webpagina is het werk uit 1919 te zien.
In augustus 1919 verbleven Marevna en Rivera in Lagny-sur-Marne, waar Rivera schilderde. Terug in Parijs huurde Rivera voor Marevna woonruimte in Châtillon. Begin november, terwijl Rivera in Poitiers was, werd Marevna naar Clinique Baudelocque op de Boulevard de Port-Royal gebracht, waar op 13 november 1919 dochter Marika werd geboren.
Na de geboorte keerde Marevna met Marika terug naar Châtillon. Daar Rivera zich kort daarna niet meer liet zien en de financiële ondersteuning achter bleef, verhuisde Marevna eind september 1920 naar een goedkopere huisvesting in Châtillon. Op de avond van eerste kerstdag 1920 kwam Rivera vertellen, dat hij na een reis naar Italië van plan was om terug te keren naar Mexico. Rivera wilde Marika meenemen naar Mexico. Rivera kwam nog enige keren en voordat hij vertrok naar Mexico liet hij een som geld achter bij de Deense beeldhouwer Adam Fisher voor Marevna en Marika.
Na enige tijd verhuisde Marevna naar Parijs. In 1927 had zij een atelierwoning in de Rue des Créts. Daar kwam de Russische schilder Chaim Soutine (1893-1943) geregeld op bezoek. In de periode 1949-1957 leefde Marevna in het Athelhampton House bij de Engelse plaats Dorchester. Dochter Marika was in 1949 getrouwd met de uitgever Rodney Phillips, de eigenaar van Athelhampton House. Na de scheiding in 1957 verhuisden Marevna, Marika, haar zoon Jean uit Marika's huwelijk met de Fransman Jean-Paul Brusset en haar zoon David Phillips naar de Londense voorstad Ealing. Marika zou zich later Marika Rivera noemen en meespelen in diverse film, o.a. in 1968 als Duitse serveerster in de film Girl on a Motorcycle en in 1971 als Rifka in de film Fiddler on the Roof. Ook in 1987 speelde zij nog in een film.
In de zestiger jaren maakte Marevna vier muurschilderingen, die elk bevriende kunstenaars uit haar begin periode in Parijs bevatte. In 1962 maakte Marevna het nevenstaande schilderij Hommage aan mijn vrienden van Montparnasse met als centrale figuur Amedeo Modigliani. Op de bovenste rij staan van links naar rechts: Diego Rivera, Ilya Ehrenburg, Chaim Soutine, Amedeo Modigliani, Modigliani's vriendin Jeanne Hébuterne, Max Jacob, Leopold Zborowski. Zittend zien we links Marevna met dochter Marika en rechts Moise Kisling.
Haar Russische vrienden legde zij vast in het nevenstaande schilderij in 1915. Van links naar rechts zitten Volochine, Soutine, Gorki, Ehrenburg en Zadkine om haar heen. Het schilderij behoort tot het bezit van Musée du Petit Palais in Genève en was van 2 t/m 25 juni 2011 te zien tijdens de tentoonstelling Maximilian Volochine, poète, critique et peintre russe dans le Paris de la Belle Epoque in Salle du Vieux Colombier, Place Saint-Sulpice 78 te Parijs. Een andere groep vrienden staan op de kaft van het verderop genoemd boek Life with the Painters of La Ruche. Hier staan van links naar rechts Rivera, Ehrenburg, Picasso, Chagall en Léger.
Marevna overleed in Londen op 4 mei 1984. Dochter Marika stierf op negentigjarige leeftijd in Charlton Down op 14 januari 2010.
Marevna legde een deel van haar leven vast in haar boek LIFE IN TWO WORLDS: A True Chronicle of the Origins of Montparnasse dat in 1962 verscheen in Londen. In 1972 verscheen Marevna's boek Life with the Painters of La Ruche. Hierin beschreef zij haar ontmoetingen met Picasso, Georges Braque, Fernand Léger, Marc Chagall, Soutine, Modigliani, Rivera, Henri Matisse, Maxim Gorki, Ilya Ehrenburg, Max Jacob, Jean Cocteau en Dremègne.
Een groot aantal werken van Marevna tot 1967 is te zien via internet op de website gewijd aan de fotografe Anya Teixeira (1913-1992). Anya Teixeira ondersteunde Marevna tijdens haar moeilijke financiële periode, nadat zij met haar dochter en twee kleinzonen verhuisd was naar Ealing. Zij hadden elkaar ontmoet in de Pushkin Club, een ontmoetingsplaats voor Russen, die sinds 1958 gevestigd was op Ladbroke Grove 46 in Londen. Hier werden o.a. lezingen en tentoonstellingen gehouden.
| kunstwerk | titel | jaar | nu te zien in |
![]() | Compositie met gitaar | 1914-1915 | Musée du Petit Palais, Genève |
![]() | Kubistische zonnebloemen | . | Musée du Petit Palais, Genève |
![]() | Zelfportret met stilleven | 1917 | Musée du Petit Palais, Genève |
![]() | Zelfportret? | 1947 | Estate Anya Teixeira, Londen |
![]() | Stilleven met geraniums | 1917 | Het nevenstaande schilderij werd op 9 juni 2009 geveild bij Christie's in Londen. |
Van 14 oktober t/m 9 november 2004 werd in de Tretyakov Gallery te Moskou de retrospectief Marevna (Maria Vorobieff-Stebelska) (1892-1984) van haar werk gehouden. Ruim vijftig schilderijen en tekeningen gaven een beeld van haar totale ontwikkeling.