Jacoba van Heemskerck (1876-1923).

Jacoba van Heemskerck

Jacoba Berendina van Heemskerck van Beest werd op 1 april 1876 in Den Haag geboren als dochter van Jonkheer Jacob Eduard van Heemskerck van Beest (1828-1894), die bekend was om het schilderen van schepen, en Geertruida de Feyer. Tot 5 juli 1886 woonde Jacoba op het landgoed De Bese in Dalfsen, waarna de familie verhuisde naar Villa Bella Duna in Scheveningen. Jacoba kreeg schilderlessen van haar vader en volgde van 1897 tot 1901 de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag, waar ook naar levend model werd getekend. Op 3 augustus 1901 verhuisde Jacoba, na de dood van haar moeder op 30 april, met haar oudere ongetrouwde zus Lucie naar Hilversum. Eerst vanuit Den Haag en daarna vanuit Hilversum reisde Jacoba één dag per week naar het schildersdorp Laren, waar zij les kreeg van Ferdinand Hart Nibbrig (5/4/1866-2/10/1915). Spoedig daarna bracht zij zes maanden in Parijs door waar zij lessen in het atelier van Eugène Carrière volgde. 's Avonds werd door Jacoba deelgenomen aan het atelier croquis. De studenten maakten schetsen van een model, dat elke vijftien minuten van stand veranderde. Tussen 1901 en 1904 was Jacoba geregeld in Parijs waar zij diverse tekenateliers, waaronder de Académie Julian, bezocht.

Marie Tak van Poortvliet

In februari-maart 1904 nam Jacoba deel aan de tentoonstelling van de Union des Femmes Peintres et Sculpteurs, een speciaal voor vrouwen in 1881 opgerichte kunstenaarsvereniging. In de zomer van 1904 keerde Jacoba ziek naar Hilversum terug. Op 5 augustus 1905 verhuisden Jacoba en Lucie van Heemskerck naar de Nassau Zuilensteinstraat 35 in Den Haag. In Den Haag ontmoette zij denkelijk de welgestelde kunstverzamelaarster Marie Tak van Poortvliet (1871-1936), die in januari 1905 van de Sophialaan 9 verhuisd was naar de Wassenaarseweg 33 in Den Haag. Jacaba had bij Maries zussen Truus en Bé op de HBS voor meisjes gezeten. Vanaf 1906 bracht Jacoba van Heemskerck van mei tot september de zomers door in Domburg en vanaf 1908 op 'Loverendale', het landgoed van Marie te Domburg. Speciaal voor Jacoba werd in 1912 een atelier in de tuin gemaakt. Marie Tak van Poortvliet zorgde voor de benodigde financiën door aankopen van werken van Jacoba via de Berlijnse galerie 'Der Sturm'. Ook kreeg zij raadgevingen van de schilders Jan Toorop en Piet Mondriaan, die samen met haar vanaf 1908 enkele zomers in het Zeeuwse Domburg doorbrachten.

Jacoba van Hemskerck in haar atelier

Rond 1911 kwam zij onder invloed van het kubisme. Dit was volgens het Domburgsch Badnieuws te zien op de Tweede Zomertentoonstelling in Domburg in 1912, maar spoedig zou de kubistische invloed verdrongen worden door het Duitse expressionisme. In 1911, 1912 en 1913 exposeerde Van Heemskerck op de Salon des Indépendants in Parijs en de Moderne Kunstkring in Amsterdam. In het voorjaar van 1912 maakte van Heemskerck in gezelschap van Marie Tak van Poortvliet een reis naar Parijs. Marie Tak van Poortvliet kocht toen een kubistisch werk van Braque.

Affiche 'De Vrouw', Wilhelmina Drupsteen

In het voorjaar 1913 werd Jacoba gevraagd om zitting te nemen in een jury. Naar aanleiding van het honderdjaar bevrijd zijn van de Franse overheersing waren diverse activiteiten gepland. Op initiatief van Mia Boissevain en Rosa Manus kwam een tentoonstellingsbestuur tot stand dat op 22 mei 1912 de oprichtingsvergadering hield voor de tentoonstelling De Vrouw 1813-1913 om te laten zien wat de Nederlandse vrouwen in de afgelopen honderd jaar via de vrouwenbeweging in het algemeen bereikt hadden. Een deel van de tentoonstelling was gewijd aan de beeldende kunst, waar tekeningen, beeldhouwerken, aquarellen en honderden schilderijen van bekende en onbekende schilderessen werden getoond. De jury onder voorzitterschap van de schilderes Thérèse Schwartze (1851-1918) bestond verder uit Lizzy Ansingh, Georgine Schwartze en Jacoba van Heemskerck. Jacoba was speciaal aangetrokken voor het beoordelen van het moderne werk. Helaas voor haar waren de meeste werken geschilderd in de negentieneeuwse traditie. De tentoonstelling was voor het publiek open van 2 mei t/m 30 september 1913 op het buiten Meerhuizen te Amsterdam.

In 1913 nam Jacoba deel aan de Erster Deutscher Herbstsalon in Berlijn. Deze tentoonstelling was georganiseerd door Herwarth Walden, de oprichter van Der Sturm. Op deze tentoonstelling waren de moderne kunststromingen uit verschillende landen te zien. Jacoba en Marie Tak van Poortvliet bezochten de tentoonstelling en zij ontmoetten Walden. Begin december 1913 bezocht Henri Le Fauconnier, die wegens de derde Moderne Kunstkring-tentoonstelling naar ons land was gekomen, het Haagse atelier van Jacoba.

Nell en Herwarth Walden

In de zomer van 1914, 3 tot 8 juli, bezocht Herwarth Walden en zijn vrouw Nell Jacoba van Heemskerck in Domburg. Het was het begin van een lange vriendschap, die tijdens de Eerste Wereldoorlog hoofdzakelijk via brieven verliep. Er zijn 269 brieven, kaarten en telegrammen van Jacoba aan Herwarth Walden bewaard gebleven! De grote hoeveelheid post kwam mede door het feit dat Walden de verkoop en de publiciteit voor Jacoba regelde. Na 1919 werd dit echter minder door Waldens politieke opvattingen.

Vooral Wasily Kandinsky had grote invloed op de schilderwijze van Jacoba. Van landschappen in een heldere stralende stijl werden haar werken bijna geheel abstract, waarin natuurmotieven zich handhaafden. Vooral in Duitsland werd zij gezien als een belangrijke kunstenares naast Klee, Marc en Kandinsky. Na 1917 werden Jacob's werken kleurrijker en kwamen zwarte contourlijnen te voorschijn.

Compositie nr 100, afm.: 110 x 130,5 cm, Museum Boymans van Beuningen

Vanaf 1918 legde Jacoba zich meer toe op het ontwerpen van glas-in-lood ramen. Via architect Jan W. Buys kreeg Jacoba de opdracht voor glas-in-lood ramen in de Wassenaarse villa 'Wulffraat'. In 1920 waren glas-in-lood werken van Jacoba te zien op een tentoonstelling van De Haagse Kunstkring. Ook maakte zij glas-in-lood ramen voor de marinierskazerne (1921) en de gg&gd-gebouw (1922) te Amsterdam. Jacoba van Heemskerck woonde enige tijd in Berlijn, Hilversum, Den Haag en vanaf 16 oktober 1922 weer in Domburg. Hier werkte zij een korte tijd samen met Willem Zeylmans van Emmichhoven, die samen met haar de kleurgevoeligheid van Domburgse kinderen in verband met karakter en emotie testte. Zijn dissertatie De werking der kleuren op het gevoel [Utrecht, 1923] werd postuum opgedragen aan Jacoba van Heemskerck. Zeylmans was in 1923 medeoprichter van de Antroposophische Vereeniging in Nederland.

Schelfhout, Loverendale, ets 1912

Vanaf 3 november 1922 woonde Jacoba met Marie Tak van Poortvliet samen op 'Loverendale', dat speciaal was uitgebreid met een verdieping. Op 3 augustus 1923 overleed Jacoba van Heemskerck plotseling in Domburg aan angina pectoris. Jacoba werd op 7 augustus gecremeerd op Westerveld te Velsen en op 12 november 1924 werd Jacoba's urn bijgezet in een monument op Westerveld.

1924

Marie Tak van Poortvliet verzorgde in verschillende periodieken, o.a. het weekblad De Toekomst, bijdragen over Jacoba's werk. Belangrijk was Marie's Engelstalige bijdrage aan het Sturm-Bilderbuch VII in 1924, dat gewijd was aan Jacoba van Heemskerck. In 1981 verscheen een reprint. Herwarth Walden organiseerde in maart 1924 een 'Gedächtnis Ausstellung' in Berlijn en Marie Tak van Poortvliet een overzichtstentoonstelling in Nederland.

Marie Tak van Poortvliet, die in 1936 te Dornach overleed, werd te Bazel gecremeerd. Haar urn werd op 24 augustus 1938 op Westerveld bij het monument voor Jacoba geplaatst. Zie voor meer informatie over Marie Tak van Poortvliet bv. een biografie op de website van het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis.

Tentoonstellingen

jaartitelplaats
1982Jacoba van Heemskerck, kunstenares van het expressionismeGemeentemuseum, Den Haag
1983Jacoba van Heemskerck 1876-1923, Eine Expressionistiche KünstlerinHaus am Waldsee, Berlijn

Van 27 augustus t/m 21 november 2005 werd in het Gemeentemuseum de tentoonstelling Jacoba van Heemskerk, een herontdekking gehouden. In zestien ruimten werd een overzicht gegeven van haar ontwikkeling. In één zaal (zie foto's) werden twee wanden gevuld met kubistische werken. In een kleinere ruimte werd ook aandacht besteed aan werken van andere kunstenaars, die de belangrijkste koopster van werken van Jacoba van Heemskerck, Marie Tak van Poortvliet, ook in het bezit had. Hier waren kubistische werken te zien van Emil Filla (2), Fernand Léger, Lodewijk Schelfhout, Lyonel Feininger en Henri le Fauconnier.

Jacoba van Heemskerck

Eind november 2005 verscheen een nieuw boek over Jacoba van Heemskerck van Prof. Dr. A.H. Huussen Jr. en Drs. J.F.A. van Paaschen-Louwerse onder de titel Jacoba van Heemskerck van Beest 1876-1923 Schilderes uit roeping bij Waanders Uitgevers te Zwolle. De monografie met 150 kleuren en 250 zwart-wit reproducties had te maken met de bovengenoemde tentoonstelling Jacoba van Heemskerk een herontdekking. Het boek was jammer genoeg niet beschikbaar tijdens de tentoonstelling.

Kubistisch getint werk.

kunstwerktiteljaarnu te zien in
Dorpsgezicht, landschap nr 15, afm.: 60,5 x 56,5 cmDorpsgezicht
Landschap nr. 15
1912Gemeentemuseun, Den Haag
Bos (compositie nr. 6), afm.: 120,5 x 100,5 cmBos (compositie no. 6)1913In 1936 is dit schilderij door Marie Tak van Poortvliet
nagelaten aan Museum Boijmans.
Vaas met tulpen (Opus I), afm.: 100 x 80,5 cmVaas met tulpen (Opus I)1913Gemeentemuseun, Den Haag
Bos I, afm.: 80 x 100 cmBos I1913Gemeentemuseun, Den Haag
Bos II, afm.: 81 x 100,5 cmBos II1913Gemeentemuseun, Den Haag
Landschap no 2, afm.: 80,5 x 76 cmLandschap no 21913Gemeentemuseun, Den Haag
Landschap nr. 6, afm.: 100,5 x 120,5 cmLandschap nr. 61914In bruikleen bij Centraal Museum, Utrecht

Laatste wijziging: 070414