Nadezhda Udaltzova (1885-1961).

De naam wordt ook geschreven als Nadejna Udaltsova, Nadeschda Udalzowa en Oudaltsova.
Nadezhda Andreyevna Prudkovskaia werd op 29 december 1885 (juliaanse kalender = 10 januari 1886 West Europa) geboren te Orel (ook geschreven: Oryol) als dochter van de politieofficier Andrev Timofeyevich Prudkovsky en zijn vrouw Vera Nikolayevna Choglakova. In 1892 verhuisde het gezin naar Moskou waar zij studeerde aan een particulier meisjes gymnasium. In 1905 behaalde zij het diploma en ging zij tot 1909 studeren bij de kunstenaar Konstantin Yuon. In 1908 bezocht zij de kunstverzameling van Serge Stschukin en in mei-juni de musea in Berlijn en Dresden. Na terugkeer in Moskou deed zij vergeefs toelating tot de Moskouse kunstacademie. Zij trouwde in oktober 1908 met Alexander Udaltzov.

links Udaltzova, Varvara Prudkovskaia en rechts Popova

Samen met Liubov Popova, Karetnokova, Vera Prestel en Adda (Adelaida)Dege ging Nadezhda Udaltzova in 1912 naar Parijs. Op advies van Aleksandra Exter gingen Popova, Udaltzova en Pestel studeren aan de Académie La Palette in Parijs, waar o.a. Henri le Fauconnier en Jean Metzinger lesgaven. Na haar terugkeer naar Rusland in 1913 ging Udaltzova werken in het atelier van Vladimir Tatlin, de z.g. torenstudio, in Moskou. Na de dood van haar moeder in 1913 moest Udaltzova voor haar drie jongere zusters, waarvan één invalide, zorgen.

Udalzova werd via brieven van haar vriendin Popova op de hoogt gehouden van de kubistische ontwikkelingen in Parijs. In een brief van 3 maart 1913 schreef zij, dat ze nieuwe Picasso's bij de kunsthandelaren Wilhelm Uhde en Daniel-Henry Kahnweiler had gezien. Ook stuurde zij afbeeldingen mee, o.a. Viool, Portret met een Viool en Man met een Gitaar. De laatste had Popova bij Uhde gezien.

In 1914 woonde zij als lid de bijeenkomsten bij van de Kubistische cirkel. Zij exposeerde vanaf 1914 op diverse tentoonstellingen, o.a. Ruitenboer (=Jack of Diamonds) (1914 en 1916) en Tramway V (1915). In september 1916 werd haar man in verband met de Eerste Wereldoorlog opgeroepen voor militaire dienst en moest Udaltzova met werken voor het inkomen zorgen. Zij was een van de oprichters van de kunstenaarssociëteit Supremus (1916-1917). De groep kunstenaars kwam bijelkaar in haar woning in Moskou.

Suprematisme, 1916, Cooling Gallery, Londen

In 1918 werd zij bestuurslid van het IZO NARKOMPROS. In 1919 werkte Udaltzova allereerst als assistent van Kazimir Malevich aan de SVOMAS te Moskou en later als hoofd van een studio en schilderdocent aan de VKhUTEMAS-VKhUTEIN. Op 23 februari 1919 hield Udaltzova een voordracht over kubisme in het Museum voor Schone Kunsten te Moskou. Kandinsky was kort daarvoor tot directeur van het museum benoemd. Dit was tijdens de 5de Staatsschilderijententoonstelling Van Impressionisme naar objecte kunst. In 1919 (andere bron: 1920) trouwde Udaltzova met Alexandr Drevin en op 26 augustus 1921 werd hun zoon Andrei geboren. Samen met Drevin bezocht Udaltzova o.a. de Oeral, Armenië en de Mologa-rivier. In 1920 was Udaltzova lid geworden van het INKhUK, maar verliet het instituut samen met haar man en anderen in 1921 wegens het productivisme. Op 1 december 1921 werd Drevin hoofd van de algemene schildersafdeling van het VKhUTEMAS, als opvolger van Vladimir Baranov-Rossiné. Op 16 februari 1922 werd Drevin vervangen door Aleksandr Rodchenko. Tot 1930 bleef Udaltzova les geven aan de VKhUTEMAS-VKhUTEIN en van 1930 tot 1934 aan het textielinstituut en het Polytechnische Instituut in Moskou.

Portret van Udaltzova, afm.: 120 x 100 cm

In de nacht van 16 op 17 januari 1938 werd haar man, Alexandr Drevin, gearresteerd en op 26 februari doodgeschoten. In 1957 werd hij gerehabiliteerd. In 1948 schilderde Alexander Osmerkin, die onder Stalin in 1946 in ongenade was gevallen, het nevenstaande portret van Udaltzova. In 1949 werd ook Udaltzova beschuldigd van verkeerde kunst. Zij stierf op 25 januari 1961 te Moskou.

Tentoonstelling.

In de periode 1999-2001 werden vijf exposities gehouden onder de naam Amazons of the avant-garde: Alexandra Exter, Natalia Goncharova, Liubov Popova, Olga Rozanova, Varvara Stepanova and Nadezhda Udaltsova.

10 juli - 17 oktober 1999Deutsche Guggenheim, Berlijn
10 november 1999 - 6 februari 2000Royal Academy of Arts, Londen
29 februari - 28 mei 2000Pegge Guggenheim Collection, Venetië
12 juni - 3 september 2000Guggenheim Museum, Bilbao
14 september 2000 - 10 januari 2001Solomon R. Guggenheim Museum, New York

Bij de tentoonstelling verscheen een boek met dezelfde titel onder redactie van John E. Bowlt en Matthew Drutt.


Tik op nevenstaande knop voor werken van Udaltzova.